De laatste momenten in detentie | dagboekfragment

Onderstaand een fragment uit mijn aantekeningen die ik maakte tijdens mijn verblijf in de PI Haaglanden locatie PPC Scheveningen in 2011. Ik onderging daar een “vervangende hechtenis” in verband met een schadevergoedingsmaatregel ik had daar feitelijk de status van arrestant, ik verbleef op het PPC omdat ik niet op een normale afdeling kon verblijven en ook op een EZV er niet voldoende ruimte was voor de begeleiding die ik in de detentie situatie nodig had. Het had dus NIETS te maken met het delict of een vorm van straf, het had te maken met de detentie geschiktheid.
Nu ruim 6 jaar later ben ik nog steeds niet in Scheveningen geweest, nog steeds niet langs de gevangenis……in mijn hoofd zit ik er soms nog steeds.


11 augustus 2011;  Wat een vreemde dag, het is de laatste dag voor ik hier weg mag.
Het klinkt vreemd maar ik zie er een klein beetje tegenop om hier weg te gaan. Door alle gebeurtenissen de afgelopen maanden en de intensiteit van mijn emoties ben ik afgestompt, ik ben mat geworden, de tranen zijn op. Misschien heb ik een vreemd soort van berusting gevonden in het feit dat de deur opengaat op het moment dat 1 van de PIWers daar zin in heeft, ik heb berusting gevonden in het feit dat ik niet continu kan bellen en berusting gevonden in het feit dat de 10 mannen die ik nu zie terwijl ik een kop koffie drink de mannen zijn waarmee ik de afgelopen maanden heb moest leven. Deze mannen hebben stuk voor stuk een bepaalde vorm van respect voor mij en ik voor hen. Dat is vreemd want van de meeste die ik zie, behalve Volkert, heb ik geen idee waarom ze hier zijn, 1 ding weet ik zeker; het is niet omdat ze hun veters verkeerd strikken of omdat ze kauwgom op de grond hebben gegooid. Maar het interesseert me niet tenminste hier binnen niet want hier zijn we allemaal gelijk, we willen hier allemaal niet zijn maar weten ook dat we op elkaar aangewezen zijn om de tijd door te komen. Uiteindelijk gaan we (de 10 van deze afdeling) hier allemaal weg, op mijn laatste dag kom ik erachter dat voor velen die tijd nog ver weg is. Op dat moment is het pijnlijk duidelijk dat het systeem geen enkel onderscheid maakt tussen een gijzeling voor een schadevergoeding, zoal bij mij het geval was, en iemand die nog 3 jaar moet vanwege een gewelddadig delict voor hij naar een open of half open gevangenis mag voor zijn laatste fase van detentie.

Ik loop over de gang van de afdeling langs de metaaldetector, ik mag naar de spreekkamer want daar zit een psycholoog van buiten. Hij komt om me gerust te stellen want ik ben bang, maanden heb ik alleen de 4 muren van mijn cel gezien en op een luchtplaats en kleine algemene ruimte gezeten en ik ben bang dat ik na morgen gevangen blijf zitten in mijn hoofd want, het ergste moet nog komen. Ik moet uit de gevangenis in mijn hoofd. Morgen ben ik weer vrij, meer dan 10 mensen en een paar bewakers om me heen. Ik heb in al die maanden bijna niemand gezien, ik wilde het niet, ik kon het niet en belangrijker nog ik wilde het mijn dierbaren niet aandoen me zo te zien dus blokkeerde ik het maar. Je raakt op een vreemde manier gewend aan de situatie zoals die is, een soort hospitalisatie en dat is niet goed.

We gaan eten, maar ik krijg geen hap naar binnen, voor de laatste keer kijk ik naar alle mannen die gebroederlijk aan een tafel zitten, dingen met elkaar delen, grappen maken, oprecht interesse hebben in hoe het met de ander gaat……..niemand is slecht geboren gaat er door mijn hoofd. Ik neem afscheid van de mannen die mijn tijd hier op deze afdeling, hoe moeilijk ook, dragelijk hebben gemaakt.  Voor de laatste keer gaat de deur achter met dicht, voor de laatste keer hoor ik die klap, de sleutels en zie ik het luikje opengaat en zwaait een bewaarder vriendelijk naar me.

12 augustus 2011 6:30 : De afgelopen nacht heb ik geen oog dichtgedaan, eindelijk is het zover….de dag waar ik zo ontzettend lang naar heb uitgekeken. Vandaag mag ik eindelijk weer naar huis, krijg ik de regie terug over mijn eigen leven. Ik hoor de sleutels en de deur gaat open. De PIWer lacht en heeft van de automaat voor het personeel een mok koffie voor me meegenomen. Ik vecht tegen mijn tranen want ik weet dat deze nachtmerrie binnen een uur voorbij is maar ben ook bang, ja dat klinkt gek maar ik ben bang voor buiten, bang voor mensen om me heen, bang voor blikken alsof iedereen weet waar ik 6 maanden ben geweest. De PIWer kijkt of mijn naam op de lijst staat en gelukkig, mijn naam staat inderdaad op de lijst, ik mag eindelijk mee naar het voorgebouw, naar de uitgang. Onderweg klopt mijn hart in mijn keel en de stappen lijken een eeuwigheid te duren. Alle spullen die ik hier bij me had laat ik achter op foto’s, aantekeningen en mijn telefoon na. Ik wil niet meer herinnerd worden aan deze plek.

Ik moet wat laatste handtekeningen zetten en krijg dan een papier, er staat duidelijk op ‘bewijs van ontslag’ het is echt zo…..ik mag naar buiten, ik bedank de medewerkers, neem een slok water, haal diep adem en loop naar buiten……door de schuifdeuren van de gevangenis….ik ben vrij! Vol ongeloof staar ik naar buiten ik zie de bomen en de auto’s en ik adem weer frisse pure lucht. Langzaam loop ik weg van de deur waar ik net door naar buiten kwam, verzonken in gedachten. Nog 1 keer kijk ik achterom om zien waar ik de afgelopen maanden heb gezeten maar dit keer vanaf de andere kant van de muur, het doet me pijn en de tranen lopen over mijn wangen.

Anders dan de woorden ‘vervangende hechtenis’ doen vermoeden, blijft na de tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis de verplichting tot betaling van de schadevergoeding bestaan. De vervangende hechtenis heft de verplichting om te voldoen aan de schadevergoedingsmaatregel niet op.

 

Sebastiaan Beens