1

Een onkreukbare officier van justitie

Rechtspositionele maatregelen tegen Lucas van Delft

Dat was de kop van een nieuwsbericht op de site van het Openbaar Ministerie op 20 juni van dit jaar.
Eind vorig jaar was bekend geworden dat deze Officier van Justitie (OvJ) anoniem melding had gedaan en een misdrijf dat tegen hemzelf was gericht. Naar aanleiding van deze melding zijn er diverse maatregelen genomen om hem en zijn gezin in veiligheid te brengen. Toen duidelijk werd dat het hoogstwaarschijnlijk was dat van Delft deze melding zelf had gedaan is men een strafrechtelijk onderzoek begonnen en heeft zijn werkgever hem geschorst.

Het bericht riep bij mij een hoop vragen omdat het bericht onduidelijk is ; er was niet vast komen te staan dat het om een valse melding ging maar desalniettemin was er wel sprake van een strafbaar feit. Volgt u het nog? Nou ik op dat moment al niet meer. De verbazing over het bericht sloeg direct om in verbijstering toen ik las dat het Landelijk Parket de zaak heeft geseponeerd, met andere woorden er zal geen vervolging worden ingesteld. In plaats daarvan zal van Delft gedurende 2 jaar niet worden ingezet als OvJ en zal hij op een ander parket aan het werk gaan, daarnaast is hij door het College van procureurs-generaal teruggezet in salaris.
De inzet is dat van Delft over 2 jaar weer als OvJ aan de slag zal gaan.

U leest het goed, zelf een melding gedaan van bedreiging, strafbaar feit gepleegd maar geen vervolging door de omstandigheden, enkel terug in salaris en functie en over 2 jaar alles weer zoals het was….noem het maar een proeftijd. Als de verbijstering zich nu nog geen meester van u heeft gemaakt dan wil ik u van harte aanraden een lekker drankje te pakken en iets ander te gaan doen dan deze blog verder te lezen. Bij navraag bleek het strafbare feit ambtsdwang te zijn (artikel 179 wetboek van strafrecht)

Professioneel, omgevingsgericht, zorgvuldig, open, integer

Dat zijn de 5 kernwaarden , die in de gedragscode staan, waar de medewerkers van het Openbaar Ministerie aan moeten voldoen. Onder het punt integer staat onder anderen ;

Wanneer nu op de integriteit van het OM zelf het nodige aan te merken zou zijn, komt vanzelf de geloofwaardigheid van de strafrechtelijke handhaving in het gedrang. En omdat een misstap van een enkele medewerker al het aanzien van de hele organisatie kan schaden, is het van groot belang dat OM’ers integer zijn.

U ziet neem ik aan welk punt ik wil maken.

De houvast van de burger

De enige houvast die mensen zoals u en ik hebben als ze te maken krijgen met onrecht in welke vorm dan ook, een diefstal, fraude, oplichting, bedreiging, overtreding van de wegenverkeerswet of in het ergste geval een levensdelict, is de wetenschap dat we leven in een rechtsstaat. In een maatschappij die dusdanig is georganiseerd dat men onrecht zal bestrijden, dat men daders zal proberen op te sporen en schuldigen zal bestraft.  Dat is voor velen een onmisbare schakel in het proces van verwerking, rouw, genoegdoening of simpelweg het vermogen te blijven geloven in die rechtsstaat. In de kwestie rondom deze OvJ ontstaat, in ieder geval bij mij, de indruk dat onrecht niet zal worden bestreden en dat de schuldige niet anders dan met een rechtsposionele maatregel zal worden bestraft. Hij moet een andere functie vervullen en gaat iets achteruit in het nog steeds meer dan riante salaris.

Wat heeft dat dan nog te maken met recht en rechtvaardigheid, met openheid en integriteit? Als u het weet mag u het zeggen. Wij hebben allen een stilzwijgend contract met de staat en dat zie ik door een dergelijke besluitvorming bijna als ware het éénzijdig opgezegd. We vertrouwen allemaal op het Openbaar Ministerie en de mensen die daar werken waar het de bestrijding van de misdaad aangaat, het Openbaar Ministerie wordt betaald van het belastinggeld van alle burgers. Het Openbaar Ministerie moet zorgen ze corrigeert waar mogelijk en hard straft waar dat nodig is.

Dit alles moet het Openbaar Ministerie zeker ook, zo niet harder, toepassen als het om haar eigen mensen gaat die juist voor die kernwaarden staan. Juist dan moet het OM krachtig optreden zeker als er wel sprake is van geconstateerde strafbare feiten. Het recht zou haar beloop moeten hebben nadat onafhankelijke rechters kennis hebben kunnen nemen van de feiten en de (persoonlijke) omstandigheden. Een rechtbank kan dan alsnog besluiten om geen straf op te leggen en dus gebruik te maken van artikel 9a van het wetboek van strafrecht dan hadden u en ik, de burgers die vertrouwen op een transparant en integer Openbaar Ministerie, er misschien makkelijker vrede mee kunnen hebben.

Dit alles is in deze zaak achterwege gebleven. Op gronden van billijkheid en doelmatigheid is er een seponering in deze zaak geweest omdat van Delft door het Openbaar Ministerie op een andere manier zal worden gestraft, aldus advocaat mr. Taco van der Dussen bij Omroep Brabant op 23 april

Helaas lijkt er een cultuur te heersen binnen het Openbaar Ministerie “we zijn integer en zelfs als we het niet zijn dan zijn we het nog” (ik breng u in herinnering diverse ernstige dwalingen van de laatste decennia) juist het Openbaar Ministerie had deze zaak hoog op moeten nemen, juist het Openbaar Ministerie had hard op moeten treden en een krachtig signaal moeten afgeven het betrof hier immers een Officier van Justitie, iemand die dagelijks zelf anderen verwijten maakt en straffen eist.

Dit verhaal zal binnenkort nog een staartje krijgen in de hoop dat het toch zal resulteren in vervolging en een eerlijke en transparante rechtsgang of in ieder geval een behoorlijke discussie hoe dit soort zaken aan te pakken want nu lijkt het heel erg op “we take care of our own” en daarna gaan we vrolijk door….hoe noemde we dat ook alweer? Oh ja…klassenjustitie en rechtsongelijkheid.


Ik hecht er waarde aan te benadrukken dat deze blog is geschreven naar aanleiding van de kwestie rondom officier van justitie Lucas van Delft, het geeft niet mijn visie weer over het gehele Openbaar Ministerie.

Sebastiaan Beens